De Limburgse mergelgronden zijn bij uitstek geschikt voor druiventeelt. De streken rondom Maastricht zijn vroeger altijd al wijngebieden geweest en zijn nu ook weer sterk in opkomst.

En vergelijk nu eens de Franse Champagnestreek, waar de druiven eveneens op kalkgronden groeien, met het gebied rondom Maastricht.
Druivenrassen uit die streek in Frankrijk zoals 'Pinot Noir' en 'Chardonnay', doen het hier ook bijzonder goed.

 
 

 Herkomst: zeer waarschijnlijk uit de Bourgogne.
 Naam: komt van het graafschap Auxerrois.
 Eigenschappen: zijn dezelfde als van de 'Pinot Blanc' ( zeer grote verwantschap).
 Oogst: de opbrengst is iets lager dan die van 'Pinot Blanc' en ook iets later.
 Vrucht: kleine tros, compact, groengele besjes, goed suikergehalte.
 Snoei: op jong hout terugsnoeien, Guyot-snoei.

 Bijzonderheden: goede wijndruif, geeft kwalitatief gezien betere wijn dan de 'Pinot Blanc'.

 

 Herkomst: selectie uit de ‘Pinot Blanc’, die genoemd is naar het dor
 waar deze ontstaan is: Chardonnay, in de Bourgogne.
 Eigenschappen: matig sterke groei, goed winterhard,
 geen overgevoeligheid voor schimmels, doet het goed op kalkrijke gronden.
 Oogst: half tot eind oktober, goede opbrengst.
 Vrucht: kleine tros, compact, groengele besjes, goed suikergehalte.
 Snoei: op jong hout en als cordonsnoei; staande leggers met korte stiften.

 Bijzonderheden: zeer goede wijndruif; wordt onder andere gebruikt
 voor het maken van de Chablis, de champagnes, en de witte bourgognes.
 Kan ook zeer goed buiten aangeplant worden in de wat mildere streken,
 zoals hier te Genoels-Elderen (Riemst).

 
 

Voor de wijnmakers is de Chardonnay één van de beste rassen om aan te planten. De groei is matig tot sterk, afhankelijk van de grondsoort. Op natte en zeer vruchtbare grond doet de stok het minder goed. De beste resultaten werden verkregen op armere, kalkrijke grondzsoorten. Er wordt goed winterhard hout gevormd, waardoor de kans op vorstschade gering blijft. Nachtvorst in het voorjaar kan echter wel problemen opleveren omdat de stok vrij vroeg uitloopt. De Chardonnay rijpt betrekkelijk vroeg af en is daarom geschikt om in koelere klimaten, zoals hier in België, te worden verbouwd.

De Chardonnay geeft uitstekende smaakvolle en krachtige witte wijnen.

 

 Herkomst: als mutatie uit de ‘Pinot Gris’ gewonnen.
 Naam: is o.a. ook bekend als ‘Weisser Clevner’, ‘Blanc de Champagne’ en ‘Pinot Bianco’.
 Eigenschappen: matig sterke groei, goed winterhard, geen overgevoeligheid voor schimmels,
 doet het goed op kalkrijke gronden.
 Oogst: half tot eind oktober, goede opbrengst.
 Vrucht: kleine tros, compact, groengele besjes, goed suikergehalte.
 Snoei: op jong hout en als cordonsnoei.

 Bijzonderheden: zeer goede wijndruif, die ook buiten aangeplant kan worden
 op warme plaatsen.

 
 
 

 Herkomst: dit is een mutatie van de ‘Pinot Noir’.
 Naam: staat onder vele namen bekend, o.a. als ‘Rülander’ in Duitsland,
 
‘Clevner’ of ‘Tokayer’ in de Elzas en ‘Pinot Grigio’ in Italië.
 Eigenschappen: matig sterke groei, goede winterhardheid, geen overgevoeligheid
 voor schimmels.
 Oogst: half oktober, goede opbrengst.
 Vrucht: compacte, kleine trossen en kleine bessen.
 Grauwgrijsachtige rode kleur, goed suikergehalte, vruchten barsten soms door te dichte trossen.
 Snoei: op jong hout, maar ook als cordonsnoei.

 Bijzonderheden: zeer goede wijndruif met een volle smaak in de wijn.
 Ook voor buiten op goede standplaats.

 

 Herkomst: Frankrijk, Bourgogne; zeer oud druivenras.
 Naam: in Duitsland ook bekend onder de namen ‘Blauer Spätburgunder’
 en ‘Frühburgunder’, in Italië bekend als ‘Pinot Nero’ en ‘Pinol’

 en onder nog veel andere namen in andere landen.
 Eigenschappen: goede groei, niet bijzonder vatbaar
 voor schimmelziekten, goede winterhardheid.
 Oogst: laat, half oktober, goede opbrengst.
 Vrucht: kleine compacte tros, diepblauwe kleine bessen,
 goed suikergehalte.
 Snoei: eenjarig hout, maar ook als cordonsnoei.

 Bijzonderheden: zeer bekende en goede wijndruif,
 gebruikt voor o.a. bourgognewijn en champagne.
 Kan op heel goede plaatsen buiten gekweekt worden.

 
 

Dit is eveneens een kwaliteitsdruif die, zoals de Chardonnay, tegenwoordig in wijngebieden over de gehele wereld voorkomt. Vooral de grote rode Bourgogne wijnen hebben bijgedragen aan de bekendheid van dit ras. De herkomst gaat veel verder terug dan de Bourgogne, waar de hedendaagse klonen van de laatste honderden jaren vandaan komen. Dit ras is één van de oudste druivenrassen en komt volgens de Russische ampeloog (druivenkenner) Negrul uit het Nijldal. Vanuit Egypte zou de verspreiding vooral door de Romeinen plaatsgevonden hebben. Pas vanaf de 4de eeuw wordt de Pinot Noir gekweekt in de Bourgogne.

De winterhardheid van de Pinot Noir is goed. Uitlopen doen de stokken laat en de bloei is daarom ook later. Afrijpen gebeurt vanaf begin oktober. Als standplaats moet voor de Pinot Noir liefst een warme, voedzame en vochthoudende bodem worden gezocht. Hoe warmer de plaats, hoe beter de wijn zal worden.

De wijn van de Pinot Noir is van bijzonder goede kwaliteit, heeft een mooie kleur en een schitterende neus.