|
De
Romeinen.
Het waren de Romeinen die de Vitis Vinifera, de wijndruif,
door hun hele rijk zijn gaan aanplanten. De meeste van de
huidige wijnbouwgebieden in Europa zijn dan ook probleemloos
terug te voeren tot de tijd van de Romeinen. Hoewel er geen
harde bewijzen zijn voor wijnbouw rond Genoelselderen ten
tijde van de Romeinen, mag men aannemen dat hiervan wel sprake
is geweest.
De
Middeleeuwen.
Voor de vroege middeleeuwen zijn er sterke aanwijzingen dat
er wijnbouw was, maar voor de late middeleeuwen zijn er veel
bewijzen. Het domein was het belangrijkste in de Haspengouw
en een van de belangrijkste in het Graafschap Loon. Het graafschap
Loon maakte sinds 1366 deel uit van het Prinsbisdom Luik,
het Land van Luik.
Het
Prinsbisdom Luik.
Toen de heerlijkheid Genoelselderen deel uitmaakte van de
bezittingen van de Prinsbisschop van Luik, was er veel wijnbouw
rond het kasteel. (Jan Lodewijk van Elderen, Prinsbisschop
van Luik.) Dit was geen uitzonderlijk gebeuren maar een belangrijke
activiteit in de hele regio. De band met Luik was heel oud.
Dit blijkt onder meer uit de toelating door de bisschop verleend
in 1433 om in de kapel van het kasteel heilige missen op te
dragen. Ook deze kapel is rijkelijk met druivenranken versierd.
Een gravure van 1730 geeft de wijnbouw als een zeer belangrijke
activiteit in het Land van Luik aan. De heerlijkheid Genoelselderen
maakte, evenals het grootste deel van Limburg, deel uit van
het Land van Luik. Oude benamingen van percelen tonen aan
dat in de Haspengouw deze wijngaarden moeten hebben gelegen.
Tot 1794 maakt bijna geheel Limburg deel uit van het Prinsbisdom
Luik. Dan volgt de inlijving bij Frankrijk.
Teloorgang
van de wijnbouw.
Hoe en wanneer precies de wijnbouw in De Zuidelijke Nederlanden
is verdwenen is niet helemaal duidelijk. In de zeventiende
eeuw was er sprake van een kleine ijstijd. Geen
echte ijsstijd, maar een periode van extreem koude winters.
Dit is de periode van de bekende winterlandschappen van de
Hollandse meesters. Deze koude periode heeft met zekerheid
een groot gedeelte van de wijngaarden vernietigd. Door de
ontdekking van Amerika en daarmee de opkomst van de aardappel
in Europa, was er een nieuwe cultuur die onmiddellijk vruchten
gaf. Nieuwe wijnstokken zouden immers pas na enkele jaren
vruchten geven. Hierdoor werden de verloren gegane wijngaarden
niet opnieuw met wijnstokken beplant maar koos men voor gewassen
als tarwe en aardappelen. Dit alles heeft de wijnbouw zeker
harde klappen toegebracht, maar tot het einde van de achtiende
eeuw blijft de wijnbouw van groot economisch belang voor de
regio.
Dan volgt Napoleon. Van hem wordt beweert dat hij de opdracht
gegeven zou hebben om de wijngaarden te laten vernietigen.
Wat hiervan juist waar is weten wij niet, maar duidelijk is
dat er na Napoleon in De Nederlanden vrijwel geen wijngaarden
meer over waren.
Belgische
overheid.
Het was in de eerste helft van de negentiende eeuw dat de
Belgische overheid de wijnbouw probeerde nieuw leven in te
blazen. Dit blijkt onder meer uit een koninklijk besluit van
8 februari 1833 betreffende een model wynberg
die voor de onderrighting der eygenaers die verlangen
mogten in het land den wynstok te planten en te bearbeyden.
In dit koninklijk besluit verwijst men ook naar een eerdere
beslissing; oud directeur van den model wynberg, waervan
het vorige gouvernement de aenlegging had bevolen.
Deze pogingen hebben echter niet kunnen bewerkstelligen dat
de wijnbouw in België terug van enig belang zou worden.
Haspengouw.
Het is pas in de tweede helft van de twintigste eeuw wanneer
wijnbouw terug voet aan de grond krijgt in België. Onder
aanvoering van Jean Belfroid worden terug wijndruiven aangeplant
in Haspengouw. Omdat de kennis van de vroegere Belgische wijnbouw
verloren is gegaan moet alles vanaf nul worden opgebouwd.
Inmiddels zijn er meerdere wijnbouwers in Haspengouw, het
Hageland en Wallonië en worden er mooie wijnen gemaakt.
Deze initiatieven vonden navolging in het Nederlandse Zuid-Limburg
in de omgeving van Maastricht en in het Geuldal.
Succesvolle
wijnbouw rond Genoels-Elderen.
In Genoelselderen, waar vroeger wijnbouw was geweest, werden
ook opnieuw wijngaarden aangeplant. Inmiddels zijn er 16 ha
wijngaard en heeft men er wijnen van een excellente kwaliteit
gemaakt. Prijzen op belangrijke wijnwedstrijden in binnen-
en buitenland bevestigen dit. Hiermee is de Belgische wijnbouw
definitief terug van weggeweest. Geen grote hoeveelheid, maar
wel grote kwaliteit.
|